bannerimage

We drinken vijf keer zoveel alcohol als in de jaren zestig.

Geschreven door: Liesbeth van Duijn
07 november 2015

bannerimage

We drinken vijf keer zoveel alcohol als in de jaren zestig.

Geschreven door: Liesbeth van Duijn

Uit het magazine Psychologie

glas wijnWe drinken vijf keer zoveel alcohol als in de jaren zestig.
Toen redacteur Anne Pek ontdekte hoe ongezond dat is, besloot ze een maand nuchter te blijven. Hoe leuk is je sociale leven als je de enige bent die spa drinkt?
Dat was even schrikken, na twee weken Portugal. De wijnen waren er heerlijk geweest en ook nog eens goedkoop, dus al snel hadden we er samen dagelijks een fles soldaat gemaakt. Weliswaar meer dan ik thuis deed, maar ook weer niet overdreven veel. Leek mij.

Tot ik na mijn vakantie in een artikel las dat een vrouw al tot de overmatige drinkers wordt gerekend wanneer ze dagelijks twee glazen alcohol drinkt. En als het om wijn ging, gold een deciliter als één glas. Ik moest het even omrekenen, maar toen viel ik alsnog steil achterover: ik had twee weken lang meer gepimpeld dan een overmatig drinker. Man!

Want dat te veel drinken erg ongezond is, zoveel was me wel bekend. De tijden dat wijn als hét magische ingrediënt van het levensverlengende Mediterrane Dieet gold, zijn alweer een paar jaar voorbij. Overmatig drinken wordt tegenwoordig gerelateerd aan allerlei aandoeningen die je niet wilt krijgen. Dat wist ik.

Maar wat ik dus niet wist: dat meer dan één ieniemienie-glaasje van een deciliter per dag al te veel is. En het werd nog erger. Verder googelend stuitte ik op het feit dat er volgens onderzoekers voor alcohol sowieso geen veilige hoeveelheden zijn. Vanuit gezondheidsoogpunt geldt elke slok tegenwoordig als onwenselijk. Oké, voegden sommige deskundigen mild toe: voor hart en bloedvaten is één enkel glaasje per dag misschien wel goed. Maar wie op dat vlak in de risicogroep valt, is toch echt beter af met medicijnen dan met drank. En als je bijvoorbeeld bang bent voor kanker, kun je echt beter helemaal van alcohol afzien – vanaf slok één heb je namelijk al een hoger risico. Bam, die zat.

SOCIAAL SMEERMIDDEL

Ineens had ik meer begrip voor de kennis die ik dit voorjaar op een feestje sprak. Mijn tanden voelden inmiddels stroef van de tannines uit de Syrah, maar haar gebit blikkerde stralend wit toen ze vertelde dat ze een maand geen alcohol dronk. ‘Tjonge,’ reageerde ik, want het leek me lastig om bij een gelegenheid als deze van bier en wijn af te blijven. Ik was er zeker al na twee glaasjes spa met de staart tussen de benen vandoor gegaan. Terwijl ik nu toch heel geanimeerd over IT-problemen had staan praten met een man in hawaïhemd.

En ik weet zeker dat ik niet de enige ben die drank als sociaal smeermiddel ervaart. Volgens de Amerikaanse psycholoog Bernardo Carducci is het zelfs zo dat een substantieel deel van de probleemdrinkers alcohol gebruikt om even van zijn verlegenheid verlost te zijn.

Onderzoek laat dan ook steeds weer zien dat we met een glaasje op meer plezier hebben in contact met anderen. We vinden ze aardiger en aantrekkelijker, ervaren een sterker groepsgevoel en zijn meer tot altruïsme geneigd. Britse onderzoekers vergeleken alcohol om deze reden recentelijk zelfs met het populaire ‘liefdeshormoon’ oxytocine.

Vreemd genoeg is de levendigheid die drank bij de meeste mensen oproept, het gevolg van het feit dat alcohol het brein verdooft. Die verdoving legt het brein namelijk letterlijk van achteren naar voren plat, waardoor de gebieden waar de zelfcontrole huist als eerste hun waakzaamheid verliezen. Vandaar dat gevoel dat het goedje opwekkend is: de rem werkt gewoon minder snel.

Dat de rest ook trager wordt, merk je meestal pas daarna. Je moet naar woorden zoeken, raakt de draad van het gesprek kwijt, reageert te laat op een overstekend kind.

VERDIEND GENIETEN

Zonder drank hebben mijn man en ik echt nog wel gespreksstof. Waarom trokken we in Portugal dan avond na avond een Alentejo open? Ik kon daar geen ander antwoord op vinden dan ‘lekker ontspannen’. Alcohol hoort er voor mijn gevoel simpelweg bij als ik even niets hoef. Thuis ook. Doordeweeks drinken we weinig, maar in het weekend komt ’s avonds standaard de fles op tafel. En vooruit, soms ook op andere dagen, als we vinden dat we heel hard hebben gewerkt. ‘We hebben het verdiend’ – dat idee. En vakantie is natuurlijk wel het summum van verdiend genieten.

‘Ja, de drankindustrie heeft ons de afgelopen jaren goed bijgebracht dat alcohol bij mooie momenten hoort,’ zegt Rob Bovens, lector Verslaving aan Hogeschool Windesheim. ‘Zelfs genieten van sport kan niet meer zonder bier, als je de reclame mag geloven.’

Daardoor, en doordat drank tegenwoordig overal verkrijgbaar is, is Nederland sluipenderwijs een land van zuipschuiten geworden. Bovens: ‘We gebruiken maar liefst vijf keer zoveel alcohol als in de jaren zestig. Wat betekent dat volwassenen die drinken, nu gemiddeld tweeënhalf glas per dag achteroverslaan.’

Ik heb Bovens gebeld omdat ik ernstig overweeg mijn vakantie-uitspatting goed te maken met een spa-maandje. Bovens is namelijk de initiatiefnemer achter ikpas.nl: de site die afgelopen voorjaar 4595 Nederlanders liet beloven dat ze een maand niet zouden drinken. Niet in de hoop ze tot geheelonthouders om te turnen, maar vooral om ze bewust te maken van het feit dat de greep naar het glas vergaand gewoontegedrag is.

Veranderen mensen nou echt door zo’n ‘bewustwordingsmaand’?, wil ik weten. Daar lijkt het wel op, antwoordt Bovens. Een eerste vervolgonderzoek heeft hem inmiddels geleerd dat zeker de helft van de deelnemers van afgelopen voorjaar na afloop van hun onthoudingsperiode minder dagen per week én minder glazen per keer zijn gaan drinken. Het automatisme is dus in ieder geval voor enige tijd doorbroken. Dat klinkt veelbelovend.

SLAAPMUTSJE

‘O,’ zegt mijn man als ik hem die avond vertel dat ik heb besloten om een maand niet te drinken. En: ‘Hm.’ Om een dag later, zo’n het-is-weekend!-vrijdag, gewoon een fles open te draaien. Maar ik wapper het glas dat hij me voorhoudt weg. Tot mijn verbazing kost me dat niet veel moeite. Want ik ervaar al snel dat hier een ander soort beloning bij hoort. Namelijk dat ik nog wat heb aan de rest van de avond. Vaak ben ik op vrijdagavond zo moe dat ik, eenmaal op de bank gezeten, alleen nog zombie-achtig op mijn iPad kijk. Deze avond lees ik voor het eerst sinds tijden weer een boek.

En dat blijkt geen toevalstreffer. In de loop van mijn ik-pas-maand stel ik vast dat ik zonder drank ’s avonds echt meer waard ben. Wat vreemd dat ik nooit heb gemerkt hoezeer die fijne wijntjes me vloeren. Kennelijk gaat dat energieverlies ook sluipenderwijs. Maar dat het er ondertussen wel degelijk is, zie ik keihard bevestigd in de onderzoeken die ik vind. Zo blijkt overmatige alcoholconsumptie te leiden tot een langdurig verhoogd niveau van ontstekingsbevorderende stofjes in het brein. Die stofjes kende ik al uit andere onderzoeken, waarin ze worden gelinkt aan lamlendigheid en depressie. Veel mensen drinken om hun somberheid te verdrijven, maar de onderzoeksbevindingen suggereren dat dit middel de kwaal erger kan maken. Verder stelden Nederlandse onderzoekers in 2011 vast dat mensen die meer dan drie glazen alcohol per dag drinken, een overactief stresssysteem hebben: hun cortisolniveau was chronisch verhoogd en hun hartslag permanent versneld. Ook dat kan uitputting en depressie veroorzaken.

En slaapproblemen. ‘Dat verrast mensen vaak, ze zien alcohol eerder als een slaapmutsje,’ had Rob Bovens al tegen me gezegd. ‘Het klopt inderdaad dat je er eerder door in slaap valt. Maar drank verstoort de slaap in het tweede deel van de nacht. Daardoor word je vermoeider wakker.’ Bovens wil nu gaan onderzoeken of geregeld drinken ook doorwerkt op dagen dat je níét drinkt. ‘Een eerste analyse van onze onderzoeksresultaten duidt daar wel op. Geregeld alcohol gebruiken lijkt dus structureel de slaapkwaliteit aan te tasten.’

BORRELEN MET MUNTTHEE

Meer energie, minder stress: het klinkt zo beloftevol dat het me de eerste weken nauwelijks moeite kost drankvrij te blijven. Het kán natuurlijk inbeelding zijn, maar na een dag of tien voel ik me inderdaad fitter. En hé, mijn kleren lijken ruimer te vallen. Ook dat is niet helemaal onverwacht: een glas wijn bevat evenveel calorieën als een stroopwafel. Het motiveert me stevig om door te gaan met ‘nee’ zeggen.

Overigens wordt dat steeds minder nodig, want mijn man blijft op een gegeven moment ook van de wijn af. Alleen drinken is kennelijk toch minder gezellig. Rob Bovens had het inderdaad ook al over het uitstralend effect van één iemand die bewust ‘ik pas’ zegt.

Ik vermoed dat hetzelfde effect opspeelt als ik halverwege die maand met een vriend in de kroeg afspreek. Normaliter gaan er dan wel een paar glaasjes door. Nu sluit hij zich meteen bij mij aan als ik muntthee bestel. We schieten ervan in de lach. Wat zijn wij verantwoord bezig! Maar we zijn wel sneller uitgepraat dan anders.

Het etentje met een vriendin blijft eveneens probleemloos ‘droog’ – ze moet morgen weer vroeg op. Als ik wijn had besteld, had zij ook een glaasje genomen, daar twijfel ik niet aan. Maar samen niet drinken, zo concludeer ik na deze twee afspraken, is heel goed te doen.

Dan komt de situatie waar ‘iedereen’ drinkt: het personeelsfeest. Daar mogen de teugels toch wel wat losser? O nee, daar zei Bovens ook iets over. Namelijk dit: ‘Als het je erom gaat gewoontegedrag te doorbreken, is een feest juist hét moment om door te zetten. Dat levert echt inzichten op. Is het werkelijk leuker met alcohol? En wat kun je verzinnen om je op zo’n lastig moment toch aan je voornemen te houden?’

Ik ben dus streng voor mezelf. En ja, dat levert inzichten op. Namelijk dat het akelig is om broodnuchter tussen aangeschoten mensen te staan. Ik vind de gesprekken niet leuk, ik vind het eten niet lekker, ik vind de deejay vreselijk. Om tien uur ga ik naar huis met een drankloze kater.

BETER GEEN DAN ÉÉN

Dan is de maand voorbij en is het toevallig ook net weer tijd voor de zeswekelijkse wandeling met een groep vriendinnen. Bij het afsluitende etentje neem ik dus gewoon weer wijn. En het is heerlijk. Zo heerlijk dat ik meteen een tweede glas wil. Hee, dat is interessant. Drank helemaal laten staan is voor mij geen probleem, maar me tot één glaasje beperken valt me lastig. Hoe kan dat?

Dat moet die verdoofde zelfcontrole zijn, besef ik. Goed om te weten: als ik mijn alcoholconsumptie duurzaam wil beperken, kan ik me dus beter voornemen om in bepaalde situaties gewoon helemaal niet meer te drinken. Dat werkt beter dan met mezelf afspreken dat ik me steeds tot één glas beperk. Met die zelfkennis ga ik de herfst in. En met het voornemen om over een halfjaar weer een stopmaand in te lassen. Maar rond de feestdagen toch liever even niet. 

 

Referenties:

[1] Yin Cao e.a., Willett WC, Rimm EB, Stampfer MJ, Giovannucci EL.(2015). Light to moderate intake of alcohol, drinking patterns, and risk of cancer,

[2] Mitchell IJ, Gillespie SM, Abu-Akel A. (2015) Similar effects of intranasal oxytocin administration and acute alcohol consumption on socio-cognitions, emotions and behaviour.

[3] Nationale drugmonitor, jaarbericht 2013/2014, Trimbos-instituut // F.T. Crews e.a., Cytokines and alcohol, Alcoholism: Clinical and Experimental Research.

[4] Boschloo L, Vogelzangs N, Licht CM, Vreeburg SA, Smit JH, van den Brink W, Veltman DJ, de Geus EJ, Beekman AT, Penninx BW. (2011). Heavy alcohol use, rather than alcohol dependence, is associated with dysregulation of the hypothalamicpituitary-adrenal axis and the autonomic nervous system.

 

 

Liesbeth van Duijn

Geschreven door: Liesbeth van Duijn

Diëtist en orthomoleculair therapeut

Werd dietist aan de Haagsche Hogeschool, Orthomoleculair en Epigenetisch therapeut via Natura Foundation en BrainQ en NLP Master practioner bij Richard Bandler zelf. Als diëtiste, die ooit worstelde met overgewicht en slechte eetpatronen, is zij ook ervaringsdeskundige in het afslanken. Daarbij ligt de focus op de hormoonhuishouding, en de besturing van neuro-transmitters welke van groot belang zijn bij succesvol afvallen en fit worden.